Freeke in Baltimore

zondag, november 19, 2006

B'more

Hoi! Ben ik weer! Ik moet een beetje vlug zijn, want ik moet thuis nog de keuken schoonmaken, boodschappen doen en koken, voordat Tom en papa er zijn. Maar ik wilde graag eerst nog het verhaal over mijn vorige vakantie afmaken, voordat ik aan de volgende begin.

Joeri en ik hebben nog drie dagen leuke dingen gedaan in Baltimore. De eerste dag waren we niet het aller actiefst en zijn we op ons gemakje naar het STScI gelopen, over de Johns Hopkins campus. Kon ik laten zien waar ik het grootste deel van mijn tijd doorbreng. We hoopten dat ze een football wedstrijd aan het spelen zouden zijn, in het Hopkins stadium, maar laat nou net het onwaarschijnlijke gebeuren: ze waren aan het voetballen. Ja, dat doen we thuis ook. Goed, we hebben toch even gekeken. In de rust lieten ze 7-jarige jongetjes een potje kluitjes-voetbal spelen, zodat we ons niet zouden vervelen. Maar we hebben het toch voor gezien gehouden.

Over zondag heb ik wat meer te vertellen. We zijn naar het BMA (Baltimore Museum of Art) gegaan en hebben het flink uitgekamt. Een deel had ik al gezien, maar ik vond het niet zo erg om nogmaals van Matisse, Picasso en de oude Europese meesters te genieten. Het was niet een bijzonder groot museum, maar ze hadden van alles wat. De hedendaagse kunst was grappig. Vooral iemand die een hele zaal had gevult met van die kleine stukjes inpak-piepschuim en er automatische stofzuigers in liet rond rijden en er een slang aan het plafond hing, die af en toe al het harde werk van de stofzuigertjes vernietigde door eens even hard te blazen. Het was leuk om het landschap steeds te zien veranderen. Verder hing er natuurlijk ook het nodige autowrak aan de muur. Zo hoort dat bij moderne kunst.

Buiten speelde een band en hebben we een stukje pizza op. Daarna hebben we nog snel een bezoek gebracht aan de Amerikaanse kunstenaars. Die zeiden me toch minder. Ik vond iemand genaamd "Robinson" wel aardig. Ik denk dat hij bij de impressionisten hoort. Maar de rest schilderde zo realistisch (wat niet echt origineel is in de 19e eeuw en ik vond ze niet bijzonder goed (niet dat ik het beter kan...)). Och, sommige waren wel aardig. Verder hadden ze ook twee kamers ingericht zoals huiskamers er 200 ofzo jaar geleden uitzagen.

Daarna heeft Joeri me op een diner getrakteerd. In het BMA. Een of andere televisiekok heeft daar een restaurant (vernoemd naar zijn oma Gertrude) en ik wilde heel graag eens de I-can't-believe-it's-not-crab cakes proberen. Blauwe krab is de specialiteit van Baltimore en dan voornamelijk in de vorm van Crab Cakes, met speciale Old Bay seasoning. Ik ga natuurlijk zelf geen krab eten (zeker niet als ik overal hoor hoe slecht het gaat met de levende krabben in de baai vanwege vervuiling enzo), dus dit was mijn kans om iets dergelijks te proberen. Het smaakte totaal niet naar krab, maar het was lekker. Goed gekruide courgette cakejes met een soort sinaasappel sausje. Joeri heeft wel krab op (en ik heb ook een klein stukje geproeft) en echt Baltimore bier. De laatste dag zijn we naar het National Aquarium gegaan. Dat is misschien wel het allerleukste in heel Baltimore. Het is gigantisch. Er zijn niet alleen veel vissen (waaronder prachtige koraalvisjes en enorme haaien), maar ook vogels en apen. En alle beestjes hebben genoeg ruimte om gelukkig te zijn. Een aantal vinkenpaartjes waren zelfs nestjes aan het bouwen en met elkaar om takjes aan het vechten.

Ze hadden een heel regenwoud nagebouwd. En in een ander stuk Australie. Als ik een vogel of een vis was... dan zou ik het wel weten. Over elke diersoort was een hoop informatie te lezen (al was het af en toe een beetje moeilijk concentreren met alle schreeuwende kinderen). Wat ook heel leuk gedaan was, was een enorme vissentank waar je binnenin liep, zodat overal om je heen vissen waren. Ze waren net alle vissen aan het voeren, dus op die stukken was het een drukte van jewelste en in andere delen was het bijna uitgestorven.

We hadden geen zin om te betalen voor de dolfijnenshow, maar we konden ze wel zien terwijl ze onder water zwommen. Na nog een paar kikkertjes, hadden we toch wel echt alles gezien.
Ook voor mij is het nu hoog tijd om te gaan, als ik alles gedaan wil hebben voor mijn bezoek komt. Komende week ben ik lekker op vakantie. Tot de week erna!

zondag, november 12, 2006

terug en hop naar Washington

Na deze heftige New York ervaring, hebben Joeri en ik het een dagje rustig aan gedaan. Uitgeslapen en 's middags naar Inner Harbor, het meest toeristische plekje van Baltimore. Daar hebben we een tijd rondgelopen, foto's gemaakt van boten (inclusief het enige schip dat Pearl Harbor had overleefd, als ik het me goed herinner), wat gewinkeld (wintertrui en ribbroek voor Freeke en een Ravens pet voor mijn favoriete vriendje) en met zonsondergang wok-fast food gegeten. O, en niet te vergeten: Joeri heeft drie stukken fudge voor me gekocht. En de verkoopster heeft een fudge-lied voor ons gezongen. Je kunt ook helemaal zien hoe ze fudge maken. Best leuk, maar vooral lekker. De volgende dag zijn we wel weer vroeg opgestaan, omdat we naar Washington D.C. gingen. Eerst met de bus naar Penn Station en dan een uur met de trein: daarna ben je ook wel meteen in hartje Washington. Natuurlijk eerst snel kaartjes gehaald voor het Capitool. Hoewel ik het al gezien had, vond ik het helemaal niet erg om nog eens te gaan. Het blijft een cool gebouw. Plus, het was nu een doordeweekse dag (woensdag) dus de senaat en het huis van afgevaardigen waren bezig met vergaderen.

Van fouten kun je leren. Dus we hebben de rugzak van Joere achtergelaten in de bibliotheek. Daarna was het al tijd om naar binnen te gaan in het Capitool. Het was weer een succes. Ik ga het hier niet nog een keer beschrijven. Wel wil ik zeggen dat de rondleider heel andere dingen vertelde. Hij ging minder op de kunst in en meer op de Amerikaanse geschiedenis dan de vorige. Dat was wel leuk voor mij. Na dezelfde stukken gezien te hebben als de vorige keer, is het ons gelukt om de weg te vinden naar de senaat. We waren een beetje bang dat we er als buitenlander niet in mochten. We mochten deze keer helemaal niets elektronisch meenemen en mijn tas werd een paar keer doorzocht. Maar we konden, na de metaaldetector, echt naar de senaatskamer. Net als in Nederland bij de Tweede Kamer, zit je op een soort balkon neer te kijken op mensen die aan het speechen zijn. Bodes rennen rond, achterin zitten ambtenaren te overleggen, de voorzitter valt bijna in slaap, en iemand staat live de ondertiteling te typen. Geen enkele andere senator was aanwezig in de zaal. Blijkbaar kijkt iedereen liever naar de tv (het wordt live uitgezonden). Eerst was een saaie, oude Republikein een saaie serst Joeri's tas (met al ons eten en drinken)peech aan het geven en daarna een saaie oude Democraat. Ik ving iets op over veiligheid en terrorisme. Ik probeerde me te concentreren op wat ze aan het zeggen waren, maar ze waren zo saai. Ik was blij dat we op een gegeven moment weer weg konden lopen.
Deze keer zijn we zelfstandig door The Library of Congress gelopen en alles wat ik me van mijn vorige rondleiding daar kon herinneren, heb ik aan Joeri verteld. Hij heeft stiekem toch een foto genomen van de leeszaal, ookal was dat verboden. Mooi, he?Honger dreef ons naar de kantine van het museum van de Amerikaanse Indiaan. Daar heb ik hele lekkere pompoensoep op. En een heleboel gratis re-fill cherry coke. Daarna hebben we ook daadwerkelijk het museum bezichtigd. Tegen mijn verwachtingen in, ging het niet over Indianen voor de komst van de Europeanen. Maar juist over Indianen nu en hoe hun cultuur stand houdt of juist erg vermengd met de Westerse cultuur. Niet alles trouwens, want er was ook een hele wand vol Inca-kunstschatten en verhalen over hoe de Spanjaarden hun leider (Acapulco?) gevangen hadden genomen en al het goud hadden omgesmolten. Ook stond er in cijfers uitgedrukt hoeveel mensen waren overleden door het toedoen van de ontdekkingsreizigers (onder andere aan ziektes). Dat is toch wel heel erg. Verder heb ik geleerd over hoe bepaalde stammen hun jaar indeelden. Waar bepaalde kleuren symbool voor stonden. En ik was natuurlijk ook erg geinteresseerd in de matriarchale stammen (de Maya's?).

Na nog wat over het terrein (the Mall) rondgelopen te hebben en een vegetarische burger te hebben gescoord, zijn we naar huis gegaan. Weer wat Thundercats gekeken, dat werd een soort vakantie-ritueel. De volgende dag ging op dezelfde manier. Alleen deze dag geen musea, maar lekker naar de dierentuin in de frisse buitenlucht. 's Ochtends hadden we ons nogal moeten haasten, dus we moesten eerst ergens lunch kopen. Gelukkig was er een klein supermarktje in de buurt van de dierentuin. Ik had erg veel zin in de dierentuin. Het was niet zomaar een dierentuin, nee, een Smithsonian dierentuin. Dus er wordt veel onderoek gedaan naar het gedrag van dieren en hoe voorkomen kan worden dat sommige soorten uitsterven. Ze hebben er speciale fokprogramma's, samen met andere dierentuinen natuurlijk. Helaas werd net het Azie-stuk verbouwd, dus dat konden we niet zien. Het eerste dier dat we zagen (naast de grondeekhoorns, die gewoon aan het genieten waren van al dat groen midden in de stad) was een cheetah. Meteen sprak een van de vrijwilligers ons aan om vanalles te vertellen over deze cheetah en dat ze een jaar geleden twee jongen had gekregen en dat dat heel bijzonder is etcetera. Verder hebben natuurlijk ook de wolven weer indruk op me gemaakt. Deze leken erg op vossen. Ze waren rood en hadden hele lange poten om door het hoge gras te kunnen lopen. De baby-panda was boven in een boom aan het slapen, dus we zagen alleen wat zwart-met-wits. Papa en mama-beer lagen lekker in hun grot-met-airconditioning. Ze hadden ze niet zover kunnen krijgen om te paren, dus mama was kunstmatig geinsemineerd. De apen waren redelijk actief. Een orang-oetang was bezig zijn eigen kots op te eten. Het hele park hing vol touwen, zodat ze eigenlijk overal heen konden. Ook veel indruk maakte de piemel van een olifant die aan het plassen was. Ik ben niet verbaasd dat hij intrekbaar is, anders zou het toch wel oncomfortabel zijn. Prairy Dogs zijn altijd schattig. En de reuzeschildpadden zijn altijd reuze. Een zeer geslaagde dag.

Vanwege de verbouwing hadden we een hoop dieren niet gezien. Dat was wel jammer. Precies toen we vertrokken begon het te stortregenen, dus hebben we van schuilplaats naar schuilplaats gerend. Ik op mijn slippers. We waren toch redelijk nat en zijn een goedkoop Mexicaans restaurant binnengerend waar we wat gegeten hebben. Buiten regende het nog steeds heel hard en het is er dus niet van gekomen om nog wat anders te doen. Dus zijn we maar naar huis gegaan. Aangezien het donderdag was, vond ik plots Grey's Anatomy op tv en mijn dag was helemaal geslaagd!

De laatste dag in D.C. hebben we weer besteed aan musea en wat rondlopen (naar het Witte Huis enzo). Eerst zijn we naar The Gallery of Art geweest, een flinke tijd. Ook hier hebben we niet alles kunnen zien, maar natuurlijk wel de Nederlandse kunst. En we hebben deze keer ook de tijd genomen om alle impressionisten te zien, omdat we daar in The Met nogal snel doorheen waren gegaan.

We konden niet al te lang blijven, omdat Joeri ook nog het Air & Space museum moest zien. Ik heb er voornamelijk een ijsje zitten eten in de kantine, want ik had het wel een beetje gehad met al dat rondlopen. Het is een fantastich museum, hoor, daar niet van, maar ik was er natuurlijk al eens geweest. Na een rondje langs het Witte huis, hebben we weer een burger gehaald en in de trein opgepeuzeld.

Kusje.

vrijdag, november 10, 2006

Dag, New York!

Hey daar,
Lang geleden, nietwaar? Soms zou ik willen dat mijn weblog zichzelf schreef. Helaas. Ik zal jullie zelf moeten vertellen dat het goed met me gaat. Het gaat goed met me. Ik heb de afgelopen dagen een hoop tests gedaan, plotjes gemaakt, fouten ontdekt en de cyclus herhaald. Dat is sterrenkunde nu eenmaal. Ik heb net met Julio gesproken en ik geloof dat hij nu van mening is dat ik ongeveer wel alles gedaan heb dat ik kon doen. Volgende week gaan we met Roeland overleggen. Kijken of we nog wat aan mijn Monte Carlo programma kunnen verbeteren. Maar volgens Julio waren we het einde aan het naderen. Goede zaak. Ik heb ook nog maar vier weken over om te werken en ik moet ook nog mijn verslag schrijven. Daar heb ik in ieder geval morgen en begin volgende week voor. Het schiet al best op en daar ben ik blij om. Ik heb inmiddels al negen bladzijdes tekst en ik ga voor de twintig. Daarna moet er natuurlijk nog vanalles gedaan worden, want sterrenkunde zou geen sterrenkunde zijn zonder plaatjes. Julio zei dat we alvast konden beginnen aan het schrijven van een artikel. Dat zou dan de korte versie van mijn verslag moeten worden. We zullen zien.

Ik ben nog steeds niet uitverteld over New York, maar wel bijna. De laatste dag hebben we het rustig aan gedaan. Dat was misschien wel een beetje mijn schuld, want ik voelde me niet zo lekker. Het was ook een drukke tijd geweest. Gelukkig hadden we veel Thundercats om naar te kijken. Uiteindelijk wisten we onszelf toch te motiveren om de stad in te gaan. We zijn naar het Rockefeller Center geweest. Van tevoren had ik natuurlijk geen idee wat dat was. In de tijd van de economische crisis heeft een rijke kerel genaamd Rockefeller een hele hoop (17) grote gebouwen laten bouwen, waardoor er veel mensen aan het werk konden. Het leuke is dat er ook een beetje kunst in de structuren verwerkt zit. We hebben op het plaza (met honderden Amerikaanse vlaggen) gezeten en geluncht. Daarna voelde ik me al wat beter. Na de buitenkant bewonderd te hebben (al vonden we het beiden niet het allerspannendst wat New York te bieden had) zijn we een van de gebouwen binnen gelopen. Het was een wat donker en sombere toestand, maar het plafond was erg mooi. Iemand had (met houtskool, leek het) de arbeidssituatie van 50 jaar geleden uitgebeeld en ook heel goed de vorm van het gebouw er in verwerkt. Zo leek het alsof een van de reusachtige arbeiders op de marmeren zuilen stond.




We hadden verder nog een belangrijke attractie gemist: het Vrijheidsbeeld. Mijn boekje vertelde me dat we ook heel goed de gratis Staten Island Ferry konden nemen. Dan kwamen we ook dicht langs het Vrijheidsbeeld. Omdat je er toch niet meer in mag, heeft het niet zoveel zin specifiek naar dat eilandje te gaan en gratis leek ons wel wat. Dus wij hop, mee met de veerboot. We waren duidelijk niet de enige toeristen. En ja, het is een leuk beeld. Vooral zo groot, omdat ze op een enorm voetstuk staat. Het was ook prachtig om naar Manhatten te kijken vanaf de boot. Zeker omdat het inmiddels weer tijd was voor een romantische zonsondergang. Op de terugweg zag het er dan ook heel anders uit. Een verschil van dag en nacht (hihi).


O, voor ik het vergeet, we hebben ook nog een of ander gebouw gezien waar ze iets met geld doen. Het beursgebouw ofzo? Wall street? Ik weet het niet precies. Joeri wilde er heen. Grappig was wel dat het HELEMAAL uitgestorven was in die hele zakenwijk. Ik weet dat het zondag was, maar ik ben inmiddels al helemaal verAmerikaanst en ik verwacht dus dat alles gewoon open is op zondagen. Belachelijk.

De volgende dag hadden we wat problemen. Het toilet zat verstopt en het rook dus ook niet zo lekker meer. Niet echt onze schuld, want we hadden niets abnormaals met de wc gedaan. Maar toch niet zo leuk als over een paar uur de eigenaar van het appartement gaat besluiten of je je borg terug krijgt. Dus Joeri heeft het, zoals het een goede echtgenoot-in-spe betaamd, gefikst en we hebben er niets van gezegd en gewoon onze borg teruggekregen. Ik ben wel mijn shampoo vergeten, dus pap en Tom, kunnen jullie die even voor me op gaan halen? (Voor degenen die het nog niet weten: papa en Tom komen over anderhalve week op bezoek. Gezellig, he?)

En toen was het tijd voor de beslissing. Joeri wilde graag het gebouw van de United Nations zien (inclusief rondleiding) en ik wilde graag naar een concert in de oudste kerk van Manhattan. Vanwege het feit dat we een koffer aan het meesjouwen waren, heeft het concert gewonnen. Vanzelfsprekend waren Joeri en ik, samen met de artiesten, de enigen die nog geen grijs haar hadden. Tja, je moet er natuurlijk ook maar de tijd voor hebben, om midden op de dag een uur bij een concert te gaan zitten.

Het is mij erg goed bevallen. Volgens mij tot nu toe de enige keer dat ik klassieke muziek heb gehoord in mijn tijd hier. Het was een duet. Een vrouw achter de vleugel en een man met een klarinet. En ze hebben hun best gedaan, geloof mij maar. Ik had het idee dat de man heel zenuwachtig was, want ik dacht dat ik kon zien dat zijn handen trilden, maar ik kan me natuurlijk ook vergist hebben. Helaas mocht ik geen foto's maken van het concert, dus bij deze een foto van het kerkje.

Kiss kiss,
Fray-kuh (alternatieve spelling)

zaterdag, oktober 28, 2006

Mr. Flux

Speciaal voor Betsy, Wim en Nell: Mr. Flux en zijn liefde voor mijn nieuwe (en o zo lekker warme) deken.
Afgelopen twee weken zijn er steeds vreemde mannen in mijn huis geweest. Ze hebben vanalles geschilderd, zoals de trapleuning, de kozijnen, de plinten en mijn deur, waardoor deze laatste helemaal niet meer sluit. Mr. Flux maakt daar nu elke dag dankbaar gebruik van. Altijd als ik thuis kom, ligt hij lekker opgekruld op mijn bed te slapen (ik verstop mijn knuffels tegenwoordig wel, want helemaal vertrouwen doe ik hem niet). Donderdag hebben ze hem gecastreerd, dus hij is nu een beetje zielig en ben ik extra lief tegen hem. Hij schijnt er zelf trouwens niet zo mee te zitten.

Positief puntje aan de schilders: we krijgen korting op onze huur voor deze maand (en het was al zo goedkoop). Toch, ik ben blij dat ze klaar zijn. Kan ik tenminste weer in vrede mijn kopje thee drinken, 's ochtends.

musei, museo, musea!


Hallo lieve lezers,

Op deze mooie, redelijk winderige, laatste dag van Daylight Saving Time, zit ik weer eens in de STScI bieb om jullie te vertellen over mijn avonturen. Morgen ga ik naar het Science Center en ik hoop dat ik er niet een uur te vroeg ben.


Ik was nog aan het vertellen over New York, maar ik denk en hoop dat ik wat bondiger kan zijn over de paar dagen erna. Joeri en ik zijn namelijk naar drie musea geweest. Op donderdag wilden we naar het Guggenheim. Eerst hebben we nog een rondje door Central Park gelopen en op een bankje in het zonnetje wat gegeten. Daarna kwam de eerste grote schok: het Guggenheim stond VOLLEDIG in de steigers. Balen. De hele lol van dat museum is juist het gebouw. Dit betekent dat ik ooit in mijn leven weer terug zal moeten naar New York, want ik heb niet alles gezien wat ik wilde zien. De tweede schok was dat het Guggenheim gesloten was op donderdagen. Joeri gaf de moed echter niet op en sleurde me mee naar het MoMA, Museum of Modern Art, wat toch best een eindje verderop lag.

Ik dacht eigenlijk dat het MoMA veel hedendaagse kunst zou hebben en dat ik het snel gezien zou hebben. Het had echter ook heel veel negentiende en twintigste eeuwse kunst. Cezanne, Pissarro, Gauguin, Van Gogh, Dali, Warhol, Pollock, Picasso, Mondriaan en vele anderen. En het was echt de moeite waard. Het kwam helemaal goed met mijn dag en ik zou er best nog eens naar terug willen. Ik heb er zelf niet zo veel foto's gemaakt, maar wel deze Magritte, die je hier links ziet. Omdat ik het zo cool vond dat het er zo realistisch uit ziet en toch niet klopt omdat het tegelijkertijd dag en nacht is. Verder heb ik wat foto's van de MoMA website gehaald. Weten jullie nog die Dali die op Pius X hing? Die heb ik in het echt gezien! Met de vloeibare klokken. Ten eerste is het natuurlijk een fantastisch schilderij (in twee opzichten). Maar ik was vooral verbaasd over hoe klein het was. Salvador Dali was wel echt een priegelaar. Mijn eerste ervaring met Andy Warhol was ook bijzonder. Hoeveel het er waren weet ik niet meer, maar er hing een hele muur vol met schilderijen van blikken soep. Allerlei verschillende soorten soep. Realistisch, maar wel uitvergroot. De volgende dag zagen we toevallig een documentaire op tv over Warhol. Dat was wel leerzaam. En ik zou nog zoveel meer mooie schilderijen op kunnen noemen, maar dat ga ik niet doen. Ik wil wel nog even de piano met tv-schermen noemen die barmuziek door het hele museum heen deed schallen. Gezellig.

Het uitzicht over de museumtuin en de straat waar het MoMA in staat, was trouwens ook bijzonder.

Zoals ik schreef was het die dag donderdag. Deze donderdag was echter speciaal: de eerste aflevering van het nieuwe Grey's Anatomy seizoen werd uitgezonden. Dus we moesten op tijd thuis zijn. Eerst hebben we boodschappen gedaan en toen ben ik op de bank gaan zitten (want er was ook nog een herhaling van wat er vorig seizoen gebeurd was) en is Joeri gaan koken. Als er wat schokkends gebeurde (of als er weer een van de frequente reclameblokken was) werd Joeri door mij op de hoogte gebracht. Hij was er zo ondersteboven van, dat hij vergat de avocado's door ons eten te doen. De tortilla's waren toch wel lekker.

De volgende dag zijn we, na een langzame start, toch maar naar het Guggenheim museum gegaan. Zoals ik al zei, was het hele gebouw ingepakt. Verder waren ze ook bezig met een nieuwe tentoonstelling in te richten, dus een deel van de vaste collectie (Kadinsky zaal) was gesloten. De tijdelijke hoofdtentoonstelling was een architectuurtentoonstelling van de architecte Zaha Hadid. Computerschetsen, plastic modellen, soms een futuristische Z-keuken of Z-auto, foto's van echte gebouwen en op film een interview met Zaha herself. Tja, best aardig hoor. Maar gebouwen zijn toch leuker in het echt (en in het groot) dan op papier. Ze had best een aantal goede ideeen.

Ook was er een flinke zaal met kunst van onze grote vriend Jackson Pollock, genaamd 'no limits, just edges', waar nog menig grapje over gemaakt is. Je kon heel goed zijn ontwikkeling zien. Ze hadden er namelijk ook een soort nietszeggend aquarel-landschap van toen Pollock nog een Pollockje was en daar had hij duidelijk minder talent voor. Daarna werd het steeds abstracter, tot er niets meer te herkennen viel. Ik vind zijn action painting best interessant en ik zou best een kleine versie ervan in mijn huiskamer hangen. Ook deze tentoonstelling was trouwens tijdelijk, dus pap, je kunt op de website van het Guggenheim kijken wat er in november te zien valt.

In een ander deel van deze ronde zaal was twintigste eeuwse kunst van andere kunstenaars te zien. Eigenlijk veel dezelfde namen als in het MoMA, maar wat kleinschaliger (het is ook moeilijk om schilderijen op ronde muren neer te hangen.

O. Iets vergeten te vertellen. Als ik het me goed herinner, had Joeri na het MoMA een verrassing voor me in petto. En ik ben natuurlijk altijd in voor verrassingen. Bleek dat hij me naar een speelgoedwinkel leidde. Een speelgoedwinkel met de grootste knuffelverzameling in New York! FAO Schwarz. Ze hadden ook een hoop van die enorme levensechte, levensgrote knuffels, zoals tijgers en bizons en kalkoenen (zie ook afbeelding). Maar nog veel meer hele lieve kleine. En ik heb er een gekregen. Een bizon en hij heet Sunny. En hij houdt me 's nachts gezelschap sinds Joeri vertrokken is.

Na het Guggenheim hebben we nog een bezoekje gebracht aan Times Square. Veel lichtjes. Veel mensen. Veel taxi's. En ook een grote speelgoedwinkel. Veel theaters. Veel plekken waar je ongezonde dingen kan eten. Veel reclame. Wel weer een heel andere wereld dan de rest van New York, dus leuk om eens doorheen te lopen. Ik had best naar een musical willen gaan, maar het is niet triviaal om goedkope kaartjes te krijgen. En om nou een hele middag in de rij te gaan staan...

Zaterdag hadden we vrijgepland voor het Metropolitan Museum of Art, oftewel het Met, dat van 9 tot 9 open zou zijn. Eerst zouden we een 'real American breakfast' gaan eten, want dat hadden we nog niet gedaan. We zijn teruggegaan naar een restaurant waar we een paar dagen eerder (veel) gegeten hadden, omdat we zeker waren dat daar VEEL te halen viel. Ik had een scrambled egg en pancakes en Joeri had meer ei, worst en wafels. Samen hadden we dus feest. We kregen er nog van die heerlijke maple syrup erbij. En naderhand zaten we dus goed vol. Klaar voor een lange dag in het Met.

Het is altijd moeilijk kiezen waar je heen wil. Zeker als je weet dat je een week nodig zou hebben om alles te zien. Ookal hebben we maar een klein deel gezien, we hebben wel veel gezien. Zoveel, dat ik het allemaal ook zo goed niet meer weet. Joeri heeft wel veel foto's gemaakt, maar die heb ik hier niet bij me, dus ik kan het later misschien wel opzoeken. We hebben in ieder geval weer de oude, Europese schilderijen gezien. El Greco was ook van de partij en ik ben altijd fan van El Greco, met zijn trieste, blauwe kleuren en langgerekte figuren. O, en op het laatst kwamen we ook nog de fragiele kunst van Vermeer tegen, met zo'n bijzondere lichtval die niemand kan evenaren.

Maar schilderijen is niet het enige dat ze tentoonstellen. Egypte heeft ze een hele tempel (van ik weet niet hoe oud) cadeau gedaan, omdat ze hadden helpen met graven. Vet hoor, om daar naar binnen te kunnen lopen en de reliefen te kunnen bekijken. Onze audioguide legde uit wat er te zien viel. Ook zagen we bijzondere kunst die tussen Egyptisch en Grieks/Romeins in zat. Uit de overgangsperiode. Supercool.

Beelden van Rodin zijn ook altijd fantastisch. Hoe het lijkt alsof ze nog deel van de steen zijn waar ze uit zijn gehakt. Hij heeft er trouwens niet te weinig gemaakt.

Ook hebben we (op aanraden van Joeri) genoten van de arms & armor tentoonstelling.

Door honger gedreven, hebben we snel wat pasta gegeten in het restaurant om daarna nog door te stomen naar de impressionisten, waar we nog weinig van gezien hadden. En daarna waren we MOE. Ik was ook een beetje museummoe. Zoveel gezien, dat ik niet veel meer op kon nemen. Maar goed dat we andere plannen hadden voor onze laatste dag in New York.